Zolang we anderen geen kwaad doen of schade berokkenen, ligt de wereld voor ons open.

Dicht bij onszelf blijven en vertrouwen op ons buikgevoel is de afgelopen 2 jaar nog meer dan ooit een uitdaging gebleken. Kunnen we dat nog echt en hoe komt het dat we onze persoonlijke verantwoordelijkheid nog te vaak uit handen geven?

Deel dit artikel

Zolang we anderen geen kwaad doen of schade berokkenen, ligt de wereld voor ons open.

Het is niemand ontgaan dat we de laatste 2 jaar, met de coronacrisis, erg op de proef gesteld werden. Externe factoren die ons gedwongen hebben stil te staan, letterlijk en figuurlijk. Voor de ene kwam dat als een zegen, eindelijk tijd om te vertragen. Meer ruimte voor het gezin, om te sporten, voor het laten bruisen van ideeën en het stellen van nieuwe doelen. Voor de andere was dat een hel. Thuisblijven, weinig tot geen sociale contacten meer, een zaak moeten sluiten - al dan niet permanent, een financiële ramp. Voor velen was dat een komen en gaan van beide. We kregen onverwacht heel wat op ons bord. Iedereen deed zo goed en zo kwaad mogelijk z’n best om die “korte” periode te overbruggen. Adem inhouden en volhouden tot het hopelijk snel voorbij was, of net die oh zo nodige ademruimte eindelijk pakken. Tot duidelijker werd dat we er met 3 maanden niet gingen komen en er een heen weer van versoepelingen en verstrengingen, hoop en wanhoop kwam.  

Ondertussen werd onze focus gebracht op een verlossend vaccin dat alles zou oplossen, mits vrijwel iedereen zou instemmen om het te laten toedienen. Sommigen waren achterdochtig, anderen konden niet wachten op die eerste prik. Dat was het begin van een hele hoop misverstanden en meningsverschillen waardoor er binnen families en vriendenkringen onenigheid en ruzie ontstond. Tot het verbreken van contacten en relaties toe. Mensen begrepen elkaar niet en waren niet in staat om écht naar elkaar te luisteren. Of je nu overtuigd was van de maatregelen en hoopvol uitkeek naar de prik of net heel twijfelachtig stond tegenover het hele gebeuren, we probeerden elkaar te overtuigen van onze eigen visie. Laat dat nu net hetgene zijn wat niet werkt. Er ontstond een verdeling in de maatschappij. Het bracht gelijkgestemden samen, wat tot mooie zaken heeft geleid, maar het zorgde ook voor heel wat spanningen en beschuldigingen m.b.t. het al dan niet uit de pandemische situatie geraken. Waar sommigen blindelings vertrouwen hadden in onze overheid en de wetenschap, gingen bij anderen alarmbellen af. Ondertussen is helaas gebleken dat die alarmbellen niet onterecht waren.  

Mijn bedoeling is niet om inhoudelijk in te gaan op het wetenschappelijke aspect van de prikken. Ik zoek niet te gaan polariseren, noch keuzes te veroordelen of mensen met de vinger te wijzen. Iedereen heeft recht op een vrije keuze. Maar hoe vrij is die keuze nog? Hoe vrij zijn we om zélf nog te kiezen? Ik heb het dan niet alleen over beperkingen en verplichtingen die ons worden opgelegd van buitenaf, maar ook over de vrijheid die we ons van binnenuit gunnen. Want daar draait het om. Wat voelen we? Voelen met ons lichaam, niet in de rationaliteit proberen blijven maar onze emoties gaan onderzoeken. Waar is ons buikgevoel en wat wil die ons vertellen? We moeten jammer genoeg toegeven dat het buikgevoel bij velen niet meer (erg) actief is, of compleet genegeerd wordt. Hoe komt dat?  

We worden van kinds af geconditioneerd om niet te veel stil te staan bij onze gevoelens, om niet te veel vragen te stellen maar “gewoon doen wat er gevraagd wordt”, om te gehoorzamen. Gevoelens worden vaak ook ontkend: “Maar neen, dat is niet zo erg. Stop nu maar met wenen”. De intrinsieke motivatie waarmee we allen geboren zijn wordt stapsgewijs afgebroken en de individuele verantwoordelijkheid wordt ons uit handen genomen (en later verweten dat we deze niet nemen). Dat zorgt ervoor dat eens de volwassen leeftijd bereikt, mensen die verantwoordelijkheid blijven doorschuiven naar een ander en zich dus laten leven i.p.v. zelf de touwtjes in handen te houden. Dat verklaart voor mij dat een heel groot deel van de bevolking zich zonder al te veel twijfel heeft laten vaccineren met een middel waar niet voldoende mee getest werd en waar destijds nog veel te weinig gekend was over mogelijke bijwerkingen op korte of lange termijn.  

Straffen en belonen is al eeuwen overal aanwezig: in de opvoeding van kinderen, in de rechtspraak, op het werk (individuele bonus of niet), etc. Het is een conditionering dat “werkt”. Tussen aanhalingstekens want dat werkt op korte termijn. Je kan in het circus een wild dier trucjes aanleren door die te gaan belonen als die het goed doet en te straffen als die het slecht doet, maar na een tijdje keert dat zich wel eens tegen de uitvoerder. Dat is bij mensen niet anders en dat hebben we gemerkt aan het steeds minder meegaan in beloftes en het prikverhaal. Eerst werden er twee prikken aangeboden waarvoor in ruil mensen een pasje kregen waarmee ze -als beloning- toegang kregen tot openbare plaatsen zoals cafés en restaurants. Wie had geweigerd, werd gestraft door hen de toegang tot die plaatsen te verbieden. Een verbod dat trouwens volledig ingaat tegen de grondrechten van elke mens, maar dat is een andere discussie.  

De huidige maatschappij is zo gemaakt dat het de intrinsieke motivatie en de zelfredzaamheid in de gedachtegang kapotmaakt. En deze crisis toont des te meer hoe sterk de maatschappij daarin geslaagd is door dat van generatie op generatie door te geven. Moeten we dan naar een samenleving gaan zonder gevolgen? Neen, uiteraard niet. Er moeten afspraken gemaakt worden zodat we veilig kunnen samenleven. Die afspraken niet naleven kan dan leiden tot consequenties voor degenen die ze overtreden hebben. Maar moeten we zomaar alles aanvaarden? Regels en maatregelen worden boven ons hoofd beslist en opgelegd en daar kritisch tegenover staan is niet toegestaan gebleken. We zijn het ook zo gewoon dat we alles moeten aannemen van “de mensen die ervoor gestudeerd hebben” of “de ervaring hebben” (ouders, leerkrachten, werkgevers, overheid) dat we dat nog te vaak braaf doen, ook al gaat dat in tegen ons gevoel of onze waarden. Moeten we dan geen rekening houden met en zorgen voor elkaar? Natuurlijk wel, maar toch niet ten koste van onszelf? Ik geloof in het goede van de mensen en ben ervan overtuigd dat we allemaal ons steentje willen bijdragen zodat iedereen het goed mag hebben. Iedereen, dat zijn wij dus ook zelf. Moet ik mij laten dwingen tot bepaalde acties als die indruisen tegen mijn gevoel en overtuiging, omdat dat dan als solidair wordt beschouwd? Kan ik niet solidair zijn én een vrije keuze hebben over wat ik wel of niet doe in het belang van mezelf en mijn omgeving? Het gaat ondertussen over veel meer dan enkel het prikverhaal. Dit kan je doortrekken naar tal van onderwerpen en dagdagelijkse ervaringen.  

Naar binnen keren, beginnen bij de bron en dat ben je zelf. Wat als je even alle externe input een halt toeroept en gaat voelen wat klopt voor jou? Wat resoneert er echt met wie je bent en wat je nodig hebt? Kom je op hetzelfde uit als wat er van bovenaf voor jou beslist werd? Prima! Niet alles wat van bovenaf komt, is per definitie slecht. Voel je hier en daar toch wat twijfel? Sta jezelf en anderen toe om vragen te mogen blijven stellen. Nieuwsgierig blijven, informatie verzamelen, zelf nadenken, voelen en dan tot een conclusie komen dat past bij jou. Dat is wat ik iedereen toewens. Met respect voor elkaars keuzes, met een open blik en ruimte voor een constructieve dialoog. Luisteren naar jezelf, maar ook luisteren naar elkaar met die intentie en niet enkel luisteren om van antwoord te kunnen dienen. We vormen als individuen samen één geheel, maar graag met behoud van eigenheid en karakter. Het is net het verrijkende bestaan van die brede waaier aan verschillende individuen dat het leven kleur geeft en de kennis verruimt. Iedereen in dezelfde richting willen sturen, op eenzelfde wijze, kan onmogelijk werken. En dat moet ook niet, want als we het toelaten, vindt iedereen zijn eigen weg wel. Zolang we anderen geen kwaad doen of schade berokkenen, ligt de wereld voor ons open.